Privacy en sociale media – Dorp 2.0
Vijftig jaar geleden woonden mijn ouders in een klein dorp. Iedereen wist daar alles van iedereen en er werd continu over iedereen geroddeld. Als iemand een nacht niet thuiskwam was dat groot nieuws. Waar was die persoon? Was er iets aan de hand? Was het een relatie met iemand buiten het dorp? Je kon niets doen zonder dat het opgemerkt en achter je rug besproken werd. De groenteboer haalde de groente van achter uit de tuin en zorgde dat hij de mooiste appeltjes voor hen bewaarde. Omdat ze daar zo van hielden.
Er zijn nu waarschijnlijk nog van die dorpen, denk ik. Maar wel een stuk minder dan vijftig jaar geleden. En we hebben er hard aan gewerkt om onze anonimiteit verder uit te breiden. Inmiddels weten onze buren niet meer hoe we heten, de overheid mag alleen weten waar we wonen en wat we doen als we geld tegoed hebben en als de supermarkt wil weten wat we lekker vinden voelen we ons in onze privacy aangetast.
Als ik gebruik maak van sociale media is het sociale voor mij van groot belang. Ik wil graag merken dat ik met mensen van doen heb, geen robots of functionarissen. Daarom is het voor mij belangrijk dat de mensen waar ik contact mee heb ook iets van zichzelf laten zien. Het hoeft niet veel te zijn, maar genoeg om een menselijk gezicht te hebben.
En aan de andere kant is het voor mij ook fijn als er mensen zijn die op internet mooie appeltjes zien en denken: “Dat is echt iets voor Bert, ik zal ze eens aan hem sturen.” Dat gevoel van kennen en gekend zijn is iets dat sociale media me geeft en daar wil ik best wat van mijn privacy voor weggeven.
Is het erg dat iemand weet waar ik woon? Ik sta ook in de telefoongids en iemand die een beetje moeite doet komt daar zo achter. Mijn salaris? Ach, als je even de moeite neemt om op mijn functie te googelen dan heb je ook zo een vacature te pakken met het maandsalaris erin. Als je in de buurt van de overheid komt werkt het nu eenmaal zo. Als ik op vakantie ben geweest vertel ik dat in geuren en kleuren aan mijn familie, vrienden, buren, collega’s. Echt privé is dat dus ook niet. En zo is er nog veel meer wat je met een beetje moeite te weten kunt komen of wat eigenlijk niet echt privé is.
Natuurlijk zijn er zaken die wel privé zijn. Maar eenieder heeft naast een privéleven ook een sociaal leven. En verjaardagen, werk, hobbies, gezinssituatie, huis, uitjes horen allemaal ook bij je sociale leven. Je kunt er voor kiezen om die niet te delen, maar dan heb je ook geen sociaal leven meer.
Het is een stap om niet alleen met mensen ergens over te praten, maar het op internet in te typen. Want ineens is het iets blijvends geworden. Maar zoveel anders als gewoon iets tegen iemand zeggen is het niet. Ook daar kun je veel spijt van krijgen. We hebben allemaal wel eens een ander iets in vertrouwen gezegd, waarna de ander (waarschijnlijk vaker onbewust dan bewust) dat vertrouwen beschaamd heeft. Een pijnlijke ervaring. En internet is hierop geen uitzondering, ook daar kan je vertrouwen beschaamd worden.
Ik kies wat ik op sociale media met anderen deel. Daarbij wil ik een menselijk gezicht tonen en daar schaam ik mij niet voor. Ik vind het ook niet erg als mensen mij daarop aanspreken, dat is juist mooi. Maar ik let wel op en hanteer altijd de regel “positief of objectief”. Als ik tegen iemand praat flap ik er niet zomaar alles uit, als ik een bericht op een netwerk zet doe ik dat ook niet. Ik probeer altijd positief of objectief te zijn. Dan kan niemand er aanstoot aan nemen en zal het bericht zich later ook niet tegen me keren.
Zo voelt het niet alsof ik mijn privacy opgeef, maar alsof ik op een menselijke manier contact maak met anderen. Via internet weliswaar, maar niet minder sociaal of vertrouwd. Ik merk aan mezelf dat ik op Twitter mensen die ‘puur zakelijk’ zijn lang niet zo intensief volg als anderen die ook hun echte gezicht tonen. Met die laatste kan ik me identificeren, ik leef met ze mee. En een emotionele band kunnen aangaan is wat mensen menselijk maakt.
Is internet anders dan het kleine dorp van vijftig jaar geleden? Alles heeft goede en slechte kanten. Sociale media geven mij meer keuze in wat ik deel en met wie ik het deel. Die keuze hadden mijn ouders vijftig jaar geleden niet of nauwelijks. Als iemands opmerkingen mij kwetsen, dan kan ik hem unfollowen of unfrienden. Die keuze hadden mijn ouders vijftig jaar geleden helemaal niet. Ik denk dat we meer van de lusten en minder van de lasten van een sociaal netwerk hebben dan vroeger. En daarmee ook minder de noodzaak om onze privacy steeds verder uit te breiden en tot het uiterste te verdedigen. Het is soms best fijn als er anderen zijn die je kennen en je kunnen en willen helpen.
En ach, misschien krijg ik soms nog wel eens ergens spijt van. Niet van het delen van een stukje van mezelf, hoogstens van een domme opmerking die ik in een dwaze bui gemaakt heb. Wat dat betreft is internet tegenwoordig ook gewoon het echte leven.
Ik noem het mijn dorp 2.0.
Gearchiveerd onder:Internetaanwezigheid, Internetontwikkelingen, netwerken, privacy, sociale media, Uncategorized, web 2.0 | 2 Comments

I was searching MSN and I came across your website. I am very glad I did, you have a lot of very good information here. I also love your layout, you have made it very simple to find everything. I have bookmarked your site and I will return shortly. Keep up the great work. Thanks